Een goede nacht merk je ’s ochtends: je wordt uitgerust wakker en hebt zin in de dag. Maar misschien draai je veel, of voelt je onderrug stijf zodra je opstaat. Dan is de moeite waard om te kijken of je bed bij je slaaphouding past. Op je zij heb je bijvoorbeeld andere steun nodig dan op je rug. Je hoeft je favoriete houding niet te veranderen; het helpt al om te weten wat daarin voor jou goed ligt.
Op je zij, rug of buik
Slaap je op je zij, dan hebben je schouder en heup ruimte nodig om iets weg te zakken. Op een te stevig matras kunnen die plekken gaan knellen, waardoor je vaker draait. Lig je liever op je rug, dan voelt gelijkmatige steun onder je onderrug vaak fijn. Bij buikslapen is het juist belangrijk dat je heupen niet te diep wegzakken, omdat je rug dan hol kan trekken. Slaap je alleen en wil je meer ruimte om te bewegen, dan kan een boxspring 120×200 prettig zijn: je draait je om zonder meteen aan de rand te liggen. Let ook eens op de houding waarin je wakker wordt. Die kan anders zijn dan de houding waarin je inslaapt. Draai je veel, zoek dan een bed dat in meerdere houdingen lekker ligt.
Steun voor je rug en schouders
Of een bed goed ligt, merk je niet alleen aan hoe zacht of stevig het matras voelt. Lig je op je zij, dan moet je schouder iets kunnen wegzakken zonder dat je onderrug meebuigt. Zo kan ook je nek ontspannen blijven. Op je rug is steun onder je onderrug belangrijk, zonder dat je billen omhoog worden geduwd. En bij buikslapen kan een te zacht ligvlak je heupen te ver laten zakken. Wat goed voelt, hangt ook af van je gewicht en bouw: met brede schouders heb je bijvoorbeeld vaak wat meer ruimte nodig bij je bovenlichaam. Let bij het uitproberen daarom op of je spieren ontspannen blijven en je niet steeds wilt draaien. Dat geldt ook voor een boxspring 120×200: pas als je erop ligt, merk je of de steun bij je past.
Matras en topper bij je houding
Neem je gebruikelijke slaaphouding als uitgangspunt wanneer je een matras kiest. Een zijslaper vindt het vaak fijn als schouder en heup wat kunnen wegzakken, terwijl de taille steun houdt. Voor rugslapers mag het ligvlak steviger voelen, zolang de onderrug contact houdt met het matras. Slaap je op je buik, let dan vooral op je heupen: die moeten niet te diep wegzakken. Een topper kan een stevig matras aan de bovenkant zachter laten aanvoelen, maar lost een gebrek aan steun niet op. Vergeet ook je kussen niet, want dat bepaalt mede hoe je nek ligt, vooral op je zij. Probeer het bed dus uit in de houding waarin je thuis slaapt, met een passend kussen.
Test hoe je lichaam ligt
Een bed zittend proberen zegt weinig; ga er echt even op liggen. Blijf een paar minuten op je zij en voel of je schouder kan ontspannen. Draai daarna op je rug en merk op of je onderrug contact houdt met het matras. Slaap je vaak op je buik, controleer dan of je heupen niet te diep zakken. Neem er de tijd voor, want een eerste indruk van zachtheid vertelt niet alles. Je kunt iemand vragen om van opzij te kijken of je rug recht ligt. Blijf je draaien om een fijne plek te vinden, probeer dan een andere stevigheid. Kunnen je schouders en rug ontspannen, dan is dat een goed teken.


