Er is iets grappigs aan de hand met Nederlandse tuinen. Twintig jaar lang legden we alles vol met tegels omdat het “makkelijk in onderhoud” was, en nu staan we massaal die tegels weer uit te breken omdat de tuin aanvoelt als een parkeerplaats met een barbecue. De tuin van 2026 is groener, zachter en een stuk minder streng voor zichzelf. Hij mag rommelig zijn. Hij mag leven.
Hieronder de trends die dit jaar de toon zetten, te beginnen met de meest zichtbare.
1. Gras is terug, en het mag meteen groen zijn
De grootste verschuiving van dit jaar is simpel: minder steen, meer groen. Onttegelen is van actie naar gewoonte gegaan, en wat er voor de tegels terugkomt is verrassend vaak gewoon gras. Niet als saaie standaardoplossing, maar als het rustpunt waar de rest van de tuin tegenaan mag leunen.
Wie halverwege het seizoen begint, heeft geen zin om drie maanden naar een zaaibed te staren en te hopen dat de merels het laten liggen. Vandaar dat veel mensen graszoden kopen in plaats van zaaien: je legt ze op zaterdag, en zondag zit je al met een biertje naar een groen vlak te kijken. Bijkomend voordeel is dat een dichte zode veel minder ruimte geeft aan onkruid en mos in dat kwetsbare eerste jaar.
De vorm is wel veranderd. Het perfecte rechthoekje met kaarsrechte randen voelt in 2026 een beetje jaren tien. Nu zie je vloeiende, licht golvende gazonranden die overlopen in de borders. Voordeel voor de luie tuinier: ronde randen maaien is een stuk fijner dan hoeken, want je hoeft nergens te keren.
2. Ronde vormen in plaats van rechte lijnen
Die zachtere gazonrand staat niet op zichzelf. Overal in de tuin verdwijnen de harde hoeken. Gebogen paden, ronde terrassen, niervormige borders, zitplekken die zich in een hoek nestelen in plaats van er strak tegenaan te staan. Het idee erachter: je loopt van nature niet in rechte lijnen, dus waarom zou je tuin dat wel doen.
Het mooie is dat je hier bijna nooit spijt van krijgt. Een ronde vorm oogt groter dan hij is, omdat je nooit de hele tuin in één blik overziet. Er blijft altijd een stukje om de bocht.
3. De wadi als designelement
Regenwater verdween jarenlang zo snel mogelijk in het riool. In 2026 mag het blijven en zelfs opvallen. Een wadi, een verdiept stuk tuin waar regenwater tijdelijk in staat en langzaam de bodem in zakt, wordt ingericht als volwaardig tuinonderdeel met vochtminnende beplanting eromheen.
Klinkt technisch, ziet er verrassend goed uit. En je hoeft na een hoosbui niet meer op je terras te balanceren om droge voeten te houden.
4. Beplanting met een taak
Planten worden niet meer alleen op kleur gekozen. De vraag is wat ze doen: schaduw geven, insecten trekken, de bodem koel houden, of gewoon overleven tijdens drie droge weken in juli zonder dat jij elke avond met de gieter staat.
Dat vertaalt zich naar gelaagd planten, precies zoals het in de natuur gaat: een boom bovenin, daaronder struiken, dan vaste planten, en bodembedekkers als afsluiting. Zo’n opbouw houdt de grond vochtig en de tuin merkbaar koeler. Inheemse soorten en siergrassen zijn daarbij de vaste waarden geworden, omdat ze weinig vragen en veel teruggeven.
Een meerstammige boom blijft de beste investering die je in een tuin kunt doen. Duur op het moment zelf, elk jaar daarna gratis schaduw.
5. De tuin als tweede woonkamer
Buitenmeubilair volgt het interieur. Low dining, dus lagere tafels met loungebanken eromheen, blijft doorzetten omdat het precies past bij hoe mensen hun tuin gebruiken: uren blijven zitten in plaats van eten en weer naar binnen.
Materialen zijn warm en natuurlijk. Hout, rotan, bamboe, linnenlook stoffen, terracotta, aardetinten als basis met hier en daar een kleuraccent. Een buitenkleed onder de zithoek is inmiddels net zo normaal als een kleed binnen, en het doet meer voor de sfeer dan je zou denken.
6. Schaduw die je zelf regelt
Met warmere zomers is een plek in de volle zon eerder een probleem dan een luxe. Pergola’s met verstelbare lamellen of doeken zijn daarom aan een opmars bezig, omdat je zelf bepaalt hoeveel zon je doorlaat. Veel modellen houden ook wind en regen tegen, waardoor het seizoen aan beide kanten een paar weken langer wordt.
Wie het simpeler wil houdt het bij een boom of een groot zeil. Werkt ook, kost een fractie.
7. Eetbaar groen tussen de sierplanten
De moestuin als apart vak achterin de tuin is aan het verdwijnen. In plaats daarvan gaan eetbare planten gewoon de border in. Kruiden langs het pad, een bessenstruik tussen de vaste planten, een leiboom met appels als afscheiding naar de buren.
Niemand ziet dat het een moestuin is, en je hoeft in augustus nog steeds geen basilicum te kopen.
Waar je het beste kunt beginnen
Als je dit jaar één ding aanpakt: de bodem en de grote vlakken. Gras, boom, vorm van de borders. Dat zijn de dingen die je later niet even verplaatst, en ze bepalen voor het grootste deel hoe je tuin voelt. Meubels, potten en verlichting kun je elk jaar veranderen, en dat is precies waarom je daar niet mee moet beginnen. Liever niet te veel geld uitgeven? Dan zijn de tuinland kortingscodes wellicht iets voor jou!
De rode draad door alle trends van 2026 is dezelfde: minder controle, meer groen, en een tuin die niet perfect hoeft te zijn om fijn te zijn. Dat scheelt ook een hoop weekenden.


